De ziekenhuizen hechten groot belang aan de pilot. Ze hebben zich gecommitteerd aan de Green Deal Duurzame Zorg, waarin is vastgelegd dat in 2030 nog maar een kwart van het ziekenhuisafval als ongesorteerd restafval mag worden verbrand; de rest moet worden gerecycled. Als de proef slaagt, verwachten de vier ziekenhuizen als eersten in Nederland aan dit circulariteitsdoel te kunnen voldoen.
Luiers
Voor ARN biedt de pilot een uitgelezen kans om te onderzoeken of TDH, de recyclingtechniek die sinds enkele jaren succesvol wordt ingezet bij de recycling van luiers, ook geschikt is voor andere afvalstromen. Al sinds de ingebruikname van de luierrecyclinginstallatie wordt hierover nagedacht.
Vreemd is dat niet. Luiers zijn gemaakt van een combinatie van veelvoorkomende materialen, waaronder kunststoffen en papier (tissues), en bevatten daarnaast natuurlijk urine en ontlasting. “Plastic, papier en organisch afval kunnen allemaal prima gerecycled worden als je ze aan de bron scheidt, maar een mixstroom van deze materialen wordt meestal verbrand”, vertelt Gerjan de Koning, business developer circulaire projecten bij ARN.
“Tot voor kort gold dat ook voor luiers. Maar met thermische drukhydrolyse lukt het om luiers te recyclen tot secundaire grondstoffen: plastics, cellulosevezels en groene CO2. Bovendien levert het proces groengas op, een waardevol substituut voor aardgas. Dus ligt de vraag voor de hand: als het werkt voor luiers, waarom niet voor andere afvalstromen?”
Ziekenhuisafval
Nu de kinderziekten overwonnen zijn en ARN het recycleproces voor luiers – een monostroom – goed onder controle heeft, is het tijd om te kijken of ook bredere mixstromen met deze techniek gerecycled kunnen worden. Ziekenhuisafval lijkt ideaal om mee te starten. Niet alleen omdat ziekenhuizen een aanzienlijke hoeveelheid afval produceren, maar ook omdat veel elementen in het ongesorteerde restafval van ziekenhuizen en zorginstellingen overeenkomsten hebben met de componenten van luiers.
De Koning: “Onderlegmatjes bijvoorbeeld. Ze worden nu steevast verbrand, maar bestaan grotendeels uit dezelfde materialen als luiers: plastics, papiervezels en superabsorberende polymeren. Dus die nemen we sowieso mee in de pilot.”
“Daarnaast richten we ons op materialen met een grote CO2-impact die door bepaalde verontreinigingen niet langs de normale recycleroutes verwerkt kunnen worden. Plastic spuiten bijvoorbeeld, maar ook urinezakken en infuuszakken, bevatten medicijnresten. Aan sondevoedingzakken kleeft veel organisch materiaal. Het zijn maar enkele voorbeelden van afvalsoorten die nu nog de verbranding in gaan, maar die we waarschijnlijk hoogwaardiger kunnen verwerken.”
Medicijnresten
Van groot belang daarbij is dat onder hoge temperatuur en druk ziektekiemen als bacteriën, virussen en schimmels en medicijnresten volledig vernietigd worden. “Dat is zelfs een absolute voorwaarde”, zegt De Koning. “Niet alleen voor de ziekenhuizen, maar ook voor ons. Onze eerste zorg is dat het veilig kan voor personeel en omgeving. Dat moeten de proeven aantonen.”
De Koning verwacht weinig problemen met het TDH-proces zelf. Dit is het proces waarbij het afval in een reactorvat – een gigantische snelkookpan – geroerd, verhit en op druk wordt gebracht, waardoor de plastics smelten en alles oplost in een kokendhete slurry. “De uitdaging zit hem vermoedelijk meer in het vinden van de juiste voor- en nageschakelde technieken. Wat gebeurt er precies met bepaalde verontreinigingen of verstorende elementen? Elastiekjes, latex handschoentjes, metalen clipjes, glasscherven… Moeten we een magneet inzetten om metaalscherven af te vangen? We willen ze niet in het plastic recyclaat terugvinden!”
Een belangrijk doel van de pilot is om te achterhalen welke mix van afvalsoorten leidt tot goede en robuuste resultaten, en of het de ziekenhuizen lukt om deze afvalsoorten in te zamelen en voor recycling aan te leveren. Over deze en andere vragen gaat het projectteam zich de komende maanden buigen. Dat team bestaat behalve uit ingenieurs en operators van ARN ook uit specialisten van Elsinga Beleidsplanning en Innovatie, de technologiepartner die aan de basis van de luierrecyclinginstallatie stond.
Ziekenhuisafval: een zorgelijk probleem
De zorgsector is verantwoordelijk voor maar liefst zeven procent van de totale CO2-uitstoot in Nederland, en dat komt vooral door de enorme afvalberg die de sector produceert. Vooral ziekenhuizen gooien veel weg. Deels gaat het daarbij om zogeheten specifiek ziekenhuisafval (sza). Dit is een technische term voor afval dat vanwege besmettingsgevaar alleen mag worden verwerkt door de gespecialiseerde afvalverbrander ZAVIN in Dordrecht.
Specifiek ziekenhuisafval beslaat echter maar een fractie van het totale afvalvolume dat ziekenhuizen produceren. Deels wordt niet-specifiek afval verwerkt via de gebruikelijke recyclingroutes voor papier, pmd en keuken- en groenafval. Het leeuwendeel gaat echter als ongesorteerd restafval de verbrandingsovens in.
Dat er zoveel wordt weggegooid, valt om medische (hygiënische) redenen wel te begrijpen. Maar ook de economische realiteit is helaas dat het vaak goedkoper is om nieuwe kleding, instrumenten en hulpmiddelen van de plank te pakken dan om gebruikte te reinigen en te hergebruiken.
Het gevolg is een zorgelijk grote afvalberg. Hoeveel er wordt weggegooid, is indringend in beeld gebracht door kunstenares Maria Koijck, die documenteerde hoeveel afval ontstaat bij één enkele borstoperatie.